Een Berlijnse rechtbank heeft deze week een oordeel geveld met mogelijk verstrekkende gevolgen. In het betreffende oordeel wordt een aparte gebedsruimte voor een moslim scholier afgedwongen.
De stad Berlijn kent een veelheid van culturen en nationaliteiten. Door dit oordeel wordt het in beginsel mogelijk dat elk van deze groepen een betreffende faciliteit of afgeleide daarvan opeist. Immers op basis van het gelijkheidsprincipe en het feit dat een dergelijk oordeel een soort wet inhoudt is dit mogelijk gemaakt.
Daarnaast legt het een onevenredige druk op lege stadskas van Berlijn.
Daar staat dan weer tegenover dat een rechter zich gelukkig niet behoeft te bekommeren over de eventuele gevolgen van een dergelijke uitspraak of toch wel?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten